De natuur in mij prest me regelmatig te gaan genieten van de groene natuur in werkelijkheid! Het werkt als een bult die jeukt. Daarom is het al vele jaren aan ons de keus, het prachtige natuurrijke Vennenbos te bezoeken. Wij verruilen dan de dagelijkse sleur om hier met de kinderen en kleinkinderen te kunnen genieten van de geboden faciliteiten en het buitenleven in de natuur. De eerste week van februari is het weer zo ver. Wij kijken er echt naar uit, want het vorig jaar hebben wij verstek moeten laten gaan wegens mijn hart operatie. Meestal starten wij bij de kinderboerderij. De jonge geitjes springen letterlijk met grote bokkensprongen rondom ons heen om al stotend een aanval te doen op de onderbuik van moeder geit. Ze hebben dorst en showen dat op een hardhandige manier aan de bezoekers. Een zucht van “Och arm”is voelbaar. Met pijn in de buik lopen we naar de schaapjes. Eventjes met de handen glijden door de zacht krullende vette haren van de schaapjes. De lammetjes doen de deur dicht en het liefst zouden onze kids ze mee naar het huisje willen nemen. De pauwen hebben bezit genomen van de hooizolder en hebben tevens een mooi uitzicht over het park. De kinderen rapen met trots wat mooie veertjes en de kalkoenen met hun rode lellebellen aan hun snuit, paraderen met opgetooide staart. De konijntjes en marmotten kwamen uit hun holen te voorschijn en toonden ons hun jongen. Zo te zien hadden zij goed hun best gedaan. De boslucht en het opsnuiven van de geur van de druipende hars van de dennenbomen. Een stinkzwam die stinkend zijn best doet. Het lopen op een deken van naalden en mos. Het rapen van eikels, mastappels en tamme kastanjes. Het is allemaal zo puur! Hier begint onze rust en de gang naar de groene natuur.
Een blik op de Hapertse heide. Het eekhoorntje komt schichtig om het hoekje kijken en begroet ons met haar guitige capriolen, zwaaiend met zijn dikke pluimstaart. Het is alsof wij elkaar nog kennen van de laatste keer. Toen werd ze getrakteerd op verse nootjes en dat zal ze vast niet vergeten zijn. “Zal ze ons gemist hebben?” roepen de kindertjes met een vragende blik in de oogjes. Zelfs de eenden laten zich horen en komen al kwakend en kwetterend hun serenade brengen. De groene specht klopt met z’n koppie hard tegen de boomstam alsof ze zeggen wil: “Mag ik binnen komen?” En de vink ratelt zijn riedeltje af, want hij heeft zojuist en nieuwe levenspartner gevonden. Van achter de eettafel zie ik door het raam het roodborstje fladderen van tak naar tak. Zijn eten wordt anders opgediend en zoekt onderste boven hangend aan een tak, de kleine rupsjes en bladluizen aan de onderzijde van de blaadjes. Hij heeft altijd honger. En de vlaamse gaai showt zijn prachtige gekleurde vleugels met blauwe opvallende veertjes, maar pas op! Hij is een deugniet! Hij rooft jonge vogeltjes uit andermans nest! Een gelukkig mens voelt zich hier thuis. Je waant je als het ware in een mega volière!
Dit reebokje werd tijdens een wandeling door mij gespot! En wij, wij zitten heerlijk te genieten van de voorjaarszon, die zijn eerste warme straaltjes priemt langs de wuivende takken van de bomen. En als je luistert hoor je het koeren van de houtduif, het kwetteren van de ekster, de roep van de koekoek, het tsjilpen van de krekels en zelfs het open springen van de mastappels. En dan die vennen! Wij hebben ze bewonderd in de winter, met of zonder ijs. In de zomer, met of zonder waterlelies. Met veel of weinig water, zelfs met een schildpad dat lag te zonnen op een overhellende boomstam. Het is toch niet te geloven! Een brokje natuur dat in ere moet worden gehouden. Tijdens onze wandeling door het bos struikel ik over een mollengang en mompel: “Verdorrie nog aan toe, waarom doet een mol zo stom? Als hij tien cm hoger de pieren zoekt, hoeft hij niet zo moeilijk te doen met al dat gegraaf.” Och natuurlijk, dan ziet hij niks! Een mol is immers blind! En als de avond valt dan vult de roep van de uil, de stilte van de nacht. De heldere maan staat statig aan de hemel en waakt met zijn licht over het park. Als ik dan Elmo de hond nog eventjes ging uitlaten, bleef hij snuivend stil staan bij een langzaam vooruit schuifelende pad, die zijn weg vervolgde van ven tot ven. Zou die zijn eitjes al gelegd hebben in de drassige bodem?
Even uitrusten en genieten van het voorjaars zonnetje. Ja, wij hoeven niet meer te ontdekken wat groen voor ons kan betekenen. Wij hebben het beleefd hoe mooi het groen van Landdal “het Vennenbos”voor ons betekent. Maar jij? Heb jij dat ook zo ervaren? Moet je beslist doen, dan spreekt de groene natuur ook voor jou in zijn werkelijkheid. Doen!!!! Onze Opa.
